Citaat | Hoge Raad 12 januari 2001
Alinea 23 Hoge Raad 12 januari 2001
Een alinea uit Hoge Raad 12 januari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AA9433.
De Rechtbank heeft bij tussenvonnis van 27 juni 1996 in conventie [eiser] tot bewijslevering toegelaten. Na enquête heeft de Rechtbank bij eindvonnis van 1 mei 1997 in conventie de eis in oppositie toegewezen, het door haar op 15 juni 1995 tussen partijen gewezen verstekvonnis vernietigd, en de vordering van [eiser] alsnog afgewezen. In reconventie heeft de Rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [eiser] veroordeeld om binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis de voormelde onroerende zaak en voormeld recht van erfpacht in de daartoe bestemde openbare registers wederom op naam van [verweerster] te (doen) stellen, zulks op verbeurte van een dwangsom van ƒ 10.000,-- per dag en tot een maximum van ƒ 500.000,--.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9a41cb2fb467707c791efb83aaef5a8c8d9b71ab38fadb57cd74e1f7f40a78ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9a41cb2fb467707c791efb83aaef5a8c8d9b71ab38fadb57cd74e1f7f40a78ba, en de alinea staat in dat document op bytes 7833 tot 8581.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9a41cb2fb467707c791efb83aaef5a8c8d9b71ab38fadb57cd74e1f7f40a78ba | shasum -a 256