Citaat | Hoge Raad 12 januari 2001
Alinea 96 Hoge Raad 12 januari 2001
Een alinea uit Hoge Raad 12 januari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AA9433.
2.21 Bij het ontbreken van overeenstemming over essentiële onderdelen komt geen overeenkomst tot stand(17). Rechtbank en hof hebben ten aanzien van de vier genoemde punten geoordeeld dat tussen partijen daaromtrent geen duidelijkheid en overeenstemming bestond, zodat geen contractuele binding kan worden aangenomen(18). Dat oordeel is niet onbegrijpelijk noch onvoldoende gemotiveerd. Uit de getuigenverklaringen (met name die van getuige [getuige 1]) valt geenszins af te leiden dat partijen tijdens de besprekingen op 1 en 8 december 1998 over alle essentiële onderdelen overeenstemming hadden bereikt. Ook [eiser] heeft aangegeven(19) dat nog niet duidelijk was hoe de koop geëffectueerd zou worden, met andere woorden hoe betaald en geleverd zou worden: door een aandelenoverdracht of op de normale wijze.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9a41cb2fb467707c791efb83aaef5a8c8d9b71ab38fadb57cd74e1f7f40a78ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9a41cb2fb467707c791efb83aaef5a8c8d9b71ab38fadb57cd74e1f7f40a78ba, en de alinea staat in dat document op bytes 33799 tot 34627.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9a41cb2fb467707c791efb83aaef5a8c8d9b71ab38fadb57cd74e1f7f40a78ba | shasum -a 256