Citaat | Hoge Raad 26 januari 2001

Alinea 34 Hoge Raad 26 januari 2001

Een alinea uit Hoge Raad 26 januari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AA9664.

3.2 In de onderhavige procedure, waarin [eiser] onder meer heeft gevorderd voor recht te verklaren dat de arbeidsovereenkomst op en na 21 januari 1997 is blijven voortduren, heeft [eiser] allereerst ontkend dat hij verzuimd had taxigelden af te dragen en heeft hij voorts, voor het geval dit anders zou blijken te zijn, de als grond voor het ontslag aangevoerde verduistering bestreden door een beroep te doen op destijds bij hem bestaande concentratiestoornissen en vergeetachtigheid, een en ander in verband met whiplashletsel en/of medicijngebruik.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/089873a343a25e032919de6b5df21f6760b5c9a664bb81bdc027d1527217a4fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 089873a343a25e032919de6b5df21f6760b5c9a664bb81bdc027d1527217a4fa, en de alinea staat in dat document op bytes 7856 tot 8420.