Citaat | Hoge Raad 26 januari 2001

Alinea 28 Hoge Raad 26 januari 2001

Een alinea uit Hoge Raad 26 januari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AA9668.

3.3.1 Onderdeel 1 van het middel richt rechts- en motiveringsklachten tegen ’s Hofs rov. 3.2. Voorzover het onderdeel uitgaat uit van de veronderstelling dat het Hof in deze rechtsoverweging heeft geoordeeld dat het nooit - ongeacht wat voor omstandigheden zich voordoen - aangaat de belangen van schuldeisers achter te stellen ten opzichte van een eigen doel, hoe belangrijk dit doel op zichzelf ook zou kunnen zijn, mist het feitelijke grondslag. In de door het onderdeel bestreden rechtsoverweging valt niet te lezen ’s Hofs oordeel dat het geen rekening mocht houden met het door de schuldenaar aangevoerde motief om de lening bij de Postbank aan te gaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aebdb6c9f3ca220abe644ab5fe75ccc29bbe9d46d160307d68cf0f9625755f9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aebdb6c9f3ca220abe644ab5fe75ccc29bbe9d46d160307d68cf0f9625755f9f, en de alinea staat in dat document op bytes 10636 tot 11313.