Citaat | Hoge Raad 26 januari 2001
Alinea 45 Hoge Raad 26 januari 2001
Een alinea uit Hoge Raad 26 januari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AA9668.
3.6 Gegrondbevinding van onderdeel 2 brengt mee dat 's Hofs arrest moet worden vernietigd. Na verwijzing zal alsnog moeten worden onderzocht of de schuldenaar al dan niet te goeder trouw was ten aanzien van de schuld aan de Postbank. Indien deze vraag bevestigend dient te worden beantwoord, moet op de voet van art. 288 lid 2, aanhef en onder b, worden beoordeeld of het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling moet worden toegewezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aebdb6c9f3ca220abe644ab5fe75ccc29bbe9d46d160307d68cf0f9625755f9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aebdb6c9f3ca220abe644ab5fe75ccc29bbe9d46d160307d68cf0f9625755f9f, en de alinea staat in dat document op bytes 17999 tot 18461.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aebdb6c9f3ca220abe644ab5fe75ccc29bbe9d46d160307d68cf0f9625755f9f | shasum -a 256