Citaat | Hoge Raad 30 januari 2001

Alinea 38 Hoge Raad 30 januari 2001

Een alinea uit Hoge Raad 30 januari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AA9705.

De Hoge Raad zal aan de beoordeling van de middelen niet kunnen toekomen. De cassatieakte meldt immers dat het rechtsmiddel namens verdachte is ingesteld per brief door mr M. Aukema, die - zo blijkt uit de stukken - verdachte als advocaat voor de kantonrechter heeft bijgestaan. Cassatie wordt volgens art.449 Sv e.v. ingesteld door het afleggen van een verklaring, waarvan een akte wordt opgemaakt. Die verklaring moet mondeling worden afgelegd en vereist persoonlijke verschijning van degene die het rechtsmiddel wil aanwenden, behoudens waar de wet een uitzondering biedt. De wet voorziet niet in een uitzondering voor de advocaat die namens zijn cliënt een rechtsmiddel wil aanwenden. Een advocaat kan niet in die hoedanigheid per brief cassatie instellen.(1)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3a2cd43a7691e3761effa9c204c564444e6da16b4fd0b93d9893fd45c1f90f8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3a2cd43a7691e3761effa9c204c564444e6da16b4fd0b93d9893fd45c1f90f8b, en de alinea staat in dat document op bytes 11183 tot 11961.