Citaat | Hoge Raad 9 februari 2001

Alinea 29 Hoge Raad 9 februari 2001

Een alinea uit Hoge Raad 9 februari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AA9900.

3.2.1 Onderdeel A keert zich met rechts- en motiveringsklachten tegen rov. 3.4 van de bestreden beschikking, waarin het Hof oordeelt dat, gelet op hetgeen in zijn rov. 3.2 en 3.3 is overwogen, de vrouw behoefte heeft aan een door de man te betalen uitkering tot haar levensonderhoud en dat deze behoefte gerelateerd is aan het ontbonden huwelijk van partijen. Het Hof had daartoe, verkort weergegeven, overwogen dat voldoende aannemelijk is geworden dat partijen met hun huwelijk lotsverbondenheid hebben beoogd, waarbij het Hof in aanmerking heeft genomen dat uit de relatie van partijen een gewenst kind is geboren en dat de huwelijkssluiting alleen om praktische redenen na de geboorte van [de zoon] heeft plaatsgevonden, alsmede dat voldoende aannemelijk is dat de vrouw door de zorg voor [de zoon] in haar mogelijkheid om op korte termijn af te studeren en volledig in haar onderhoud te voorzien, is beperkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e451b7d38f9ef07e4aa80ecbe077cb5cf1e0ed49261a803ed198cda44ccff983. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e451b7d38f9ef07e4aa80ecbe077cb5cf1e0ed49261a803ed198cda44ccff983, en de alinea staat in dat document op bytes 9028 tot 9954.