Citaat | Hoge Raad 23 februari 2001
Alinea 37 Hoge Raad 23 februari 2001
Een alinea uit Hoge Raad 23 februari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0204.
3.4 Dit oordeel is juist, gelet op hetgeen het Benelux-Gerechtshof in zijn eerdergenoemde arrest van 26 juni 2000 naar aanleiding van de vragen II tot en met V voor recht heeft verklaard. Evenals het Benelux-Gerechtshof ziet de Hoge Raad geen aanleiding dienaangaande prejudiciële vragen voor te leggen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, gelet op de bewoordingen van art. 3, derde lid, van de Eerste Richtlijn 89/104/EEG van de Raad van 21 december 1988 betreffende de aanpassing van het merkenrecht der lidstaten (verder: de Richtlijn) en het niet benutten door de Beneluxwetgever van de daar geboden mogelijkheid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b650cbd6cf422dae336f7c4166c78d43eca5213d8bc55e415062447bf084c40c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b650cbd6cf422dae336f7c4166c78d43eca5213d8bc55e415062447bf084c40c, en de alinea staat in dat document op bytes 10587 tot 11238.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b650cbd6cf422dae336f7c4166c78d43eca5213d8bc55e415062447bf084c40c | shasum -a 256