Citaat | Hoge Raad 23 maart 2001

Alinea 112 Hoge Raad 23 maart 2001

Een alinea uit Hoge Raad 23 maart 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0700.

3.5.9 In rov. 5.15 van zijn arrest heeft het Hof de niet behandelde standpunten van Ofasec c.s., voor zover deze op onderdelen afwijken van de eerdere overwegingen van het Hof, als onvoldoende gemotiveerd verworpen. Onderdeel 9 dat deze overweging bestrijdt, mist belang, voor zover het ervan uitgaat dat het Hof mede het oog heeft op stellingen en standpunten waarnaar in voorgaande onderdelen van het middel wordt verwezen. De Hoge Raad heeft deze stellingen en standpunten immers voor zover nodig besproken in hetgeen hiervoor is overwogen. Voor zover het onderdeel doelt op andere stellingen en standpunten van Ofasec c.s., voldoet het niet aan art. 407 lid 2 Rv., nu het niet aangeeft welke stellingen het Hof op de gewraakte wijze heeft afgedaan. Het onderdeel kan derhalve niet tot cassatie leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60696caecf08b1061a4fba1bf89cdd427fecc86d05470d8e1fedb1d1dbe7b532. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60696caecf08b1061a4fba1bf89cdd427fecc86d05470d8e1fedb1d1dbe7b532, en de alinea staat in dat document op bytes 40261 tot 41079.