Citaat | Hoge Raad 27 maart 2001

Alinea 47 Hoge Raad 27 maart 2001

Een alinea uit Hoge Raad 27 maart 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0740.

“Zoals in de Memorie van toelichting werd opgemerkt, is de vraag of de onder de huidige wet vigerende vrijheid tot uitoefening van het kredietbedrijf zou dienen te worden gehandhaafd dan wel zou dienen te worden vervangen door een vergunningenstelsel, destijds een punt van ampele overweging geweest. Het resultaat was, dat werd gekozen voor een synthese tussen beide systemen. Aan instellingen, die aan door de Kroon vast te stellen absolute en relatieve normen inzake hun bedrijfsomvang zouden voldoen en daarmede onder de definitie van 'kredietinstellingen' zouden vallen, zou de bedrijfsuitoefening slechts worden toegestaan, indien zij zouden zijn ingeschreven in het register der kredietinstellingen. Dit betekende, dat de vereisten voor (handhaving van) de registratie - minimum eigen vermogen, meerhoofdig bestuur en publicatie van de door een registeraccountant goedgekeurde jaar-rekening - tevens gezien kan worden als 'vergun-ningsvereisten', althans voor alle instellingen die, door te voldoen aan bedoelde absolute en relatieve normen, kredietinstellingen in de zin der wet zouden zijn. Alle instellingen beneden deze normen daarentegen zouden hun bedrijf zonder toezicht kunnen (blijven) uitoefenen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ebeeb1f719e72f8689628a36f25c4b14c08e8025bd4845464dee80ffb4583b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ebeeb1f719e72f8689628a36f25c4b14c08e8025bd4845464dee80ffb4583b2, en de alinea staat in dat document op bytes 12857 tot 14085.