Citaat | Hoge Raad 27 maart 2001

Alinea 55 Hoge Raad 27 maart 2001

Een alinea uit Hoge Raad 27 maart 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0740.

2.5. Uit de wetsgeschiedenis moet worden afgeleid dat het in de hiervoren onder 2.4.4 weergegeven Memorie van Toelichting ingenomen standpunt bij de verdere behandeling van het wetsvoorstel niet is gehandhaafd. Uit hetgeen hiervoor onder 2.4.1 en 2.4.6-2.4.7 is weergegeven en uit de tekst van de Wtk 1992 volgt immers dat het in art. 82, eerste lid, Wtk 1992 opgenomen verbod het sluitstuk vormt van het in die wet geregelde toezicht op kredietinstellingen en dat dit verbod strekt ter bescherming van de kleine crediteuren, hetgeen betekent dat het aan ieder ander dan degene op wie de uitzonderingsbepalingen van art. 82, tweede en derde lid, Wtk 1992 van toepassing zijn, is verboden om zich tot het publiek te wenden of te bemiddelen ter zake van het bedrijfsmatig aantrekken van gelden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ebeeb1f719e72f8689628a36f25c4b14c08e8025bd4845464dee80ffb4583b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ebeeb1f719e72f8689628a36f25c4b14c08e8025bd4845464dee80ffb4583b2, en de alinea staat in dat document op bytes 19217 tot 20022.