Citaat | Hoge Raad 20 april 2001

Alinea 48 Hoge Raad 20 april 2001

Een alinea uit Hoge Raad 20 april 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1202.

3.2.4 Het Hof heeft in het tussenarrest van 2 februari 1999 overwogen dat Akzo "strikt genomen" is geslaagd in het opgedragen bewijs, maar dat dit niet wil zeggen dat de vordering daarop moet afstuiten, aangezien de vraag is of dit gebrek aan wetenschap verschoonbaar is (rov. 2.3.3). Uit de in rov. 2.3.4 - 2.3.6 van dit arrest vermelde feiten en omstandigheden heeft het Hof vervolgens afgeleid dat Akzo "had kunnen vermoeden dat de bodem van het bedrijfsterrein mogelijkerwijs verontreinigd zou kunnen zijn". Het had op haar weg gelegen een onderzoek in te stellen naar de vraag of het bedrijfsterrein verontreinigd was met giftige stoffen. Dit brengt mee dat zij zich niet erop kan beroepen geen wetenschap te hebben gehad van de verontreiniging van het terrein met HCH (rov. 2.3.7). In rov. 2.6.4 van dit arrest heeft het Hof overwogen dat Akzo, omdat zij zich had dienen te realiseren dat haar bedrijfsterrein ernstig was verontreinigd met HCH, een stof die in ernstige mate toxisch is, van welke giftige aard zij ook op de hoogte was, erop had moeten toezien dat deze verontreinigde grond niet in de omgeving zou worden gestort zonder afdoende voorzorgsmaatregelen te nemen. Nu Akzo dit heeft nagelaten, dient een en ander te worden aangemerkt als ernstig verwijtbaar handelen als bedoeld in art. 75 lid 6, onder b, Wbb, en is Akzo voor de gevolgen daarvan aansprakelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de55e5d6015f44f9d93a9d0f092d3f02a2d7d1f29ba2214763ae8c04e67c1f64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de55e5d6015f44f9d93a9d0f092d3f02a2d7d1f29ba2214763ae8c04e67c1f64, en de alinea staat in dat document op bytes 14490 tot 15881.