Citaat | Hoge Raad 20 april 2001

Alinea 39 Hoge Raad 20 april 2001

Een alinea uit Hoge Raad 20 april 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1208.

3.6 Onderdeel 2C bestrijdt het oordeel van het Hof dat [eiser] in 1987 bekend mag worden verondersteld met de tekortkoming van [verweerder], eveneens met een motiveringsklacht. Het onderdeel neemt tot uitgangspunt dat het oordeel van het Hof in zijn rov. 4.7 dat de vordering van [eiser] op de gemeente op 1 januari 1987 was verjaard, onjuist is. Nu het Hof in rov. 4.7 heeft vastgesteld dat [eiser] in 1981 zijn dwaling daadwerkelijk heeft ontdekt en tegen deze vaststelling geen klacht is gericht, is 's Hofs oordeel evenwel juist. De op evenvermeld uitgangspunt voortbouwende motiveringsklacht kan derhalve niet tot cassatie leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c3f0170c42768cc2e391b8b45e326d980f906071d7820975e9a71bf97f0e092c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c3f0170c42768cc2e391b8b45e326d980f906071d7820975e9a71bf97f0e092c, en de alinea staat in dat document op bytes 14169 tot 14817.