Citaat | Hoge Raad 6 april 2001

Alinea 42 Hoge Raad 6 april 2001

Een alinea uit Hoge Raad 6 april 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1252.

In haar vonnis van 17 augustus 1995 heeft de Rechtbank overwogen dat de vordering in reconventie zal worden afgewezen. Wat de door [eiser] gevorderde "economische schade" betreft omdat de Rechtbank deze vergoed achtte door het bedrag van ƒ 31.171,80 dat de verzekeraar van [verweerster] aan [eiser] had uitgekeerd, en wat de immateriële schade betreft omdat naar het oordeel van de Rechtbank niet kon worden vastgesteld dat [eiser] en/of zijn familie als gevolg van de geringe asbestverontreiniging een daadwerkelijk risico hebben gelopen dat aan [verweerster] kan of zal kunnen worden toegerekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e47f8f5a45693ac327da78268758d3b50705b317103997401ba1d8b3c0de0a03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e47f8f5a45693ac327da78268758d3b50705b317103997401ba1d8b3c0de0a03, en de alinea staat in dat document op bytes 10259 tot 10873.