Citaat | Hoge Raad 18 september 2001
Alinea 150 Hoge Raad 18 september 2001
Een alinea uit Hoge Raad 18 september 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1471.
8.1. Het middel noopt tot beantwoording van de vraag of de vermoedelijke dader van een feit in de zin van de art. 1 en 2 Uitvoeringswet folteringverdrag dat in het buitenland is begaan, in Nederland kan worden vervolgd en berecht indien hij zich niet in Nederland bevindt. Blijkens de toelichting is de vraag toegespitst op het geval dat noch de vermoedelijke dader noch het slachtoffer de Nederlandse nationaliteit bezit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/425c81ad7552fe2bd040c903130c6699be0d9f83a6b8bb970ec52f3af513de19. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 425c81ad7552fe2bd040c903130c6699be0d9f83a6b8bb970ec52f3af513de19, en de alinea staat in dat document op bytes 45514 tot 45949.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/425c81ad7552fe2bd040c903130c6699be0d9f83a6b8bb970ec52f3af513de19 | shasum -a 256