Citaat | Hoge Raad 8 mei 2001

Alinea 14 Hoge Raad 8 mei 2001

Een alinea uit Hoge Raad 8 mei 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1502.

"1. In het belang der wet heb ik de eer mij in cassatie te voorzien tegen de beschikking van het Gerechtshof te 's-Gravenhage, nr. 078BIJZ98, van [verdachte] tegen een beschikking van de Rechtbank te Rotterdam, waarbij die Rechtbank diens op art. 591a Sv gebaseerde verzoek tot het toekennen van een vergoeding van de door hem gemaakte kosten van rechtsbijstand grotendeels heeft afgewezen. Het Hof heeft [verdachte] niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek. Een gewaarmerkt afschrift van de beschikking leg ik hierbij over, alsmede het procesdossier.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e94c19a60878fa37896757ccd6ee969ae4956d6299e6ee53a29700ad4b5a954a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e94c19a60878fa37896757ccd6ee969ae4956d6299e6ee53a29700ad4b5a954a, en de alinea staat in dat document op bytes 5614 tot 6183.