Citaat | Hoge Raad 8 mei 2001
Alinea 20 Hoge Raad 8 mei 2001
Een alinea uit Hoge Raad 8 mei 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1566.
6.4 De reden van aanhouding is de [verdachte] namelijk niet meegedeeld. Dit is in strijd met art. 5 lid 2 EVRM en art. 9 lid 2 IVBP. Daarin wordt bepaald dat een ieder onverwijld bij zijn arrestatie op de hoogte moet worden gebracht van de reden van de arrestatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed86687f3deb89850fc69b09882c82e2b26191d48b9234f4fb8e4559ceb58611. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed86687f3deb89850fc69b09882c82e2b26191d48b9234f4fb8e4559ceb58611, en de alinea staat in dat document op bytes 7022 tot 7300.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ed86687f3deb89850fc69b09882c82e2b26191d48b9234f4fb8e4559ceb58611 | shasum -a 256