Citaat | Hoge Raad 18 mei 2001

Alinea 57 Hoge Raad 18 mei 2001

Een alinea uit Hoge Raad 18 mei 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1694.

Met een op 26 oktober 1999 ter griffie van de Rechtbank te ¢s-Gravenhage ingediend verweerschrift ex artikel 429q lid 4 jo 429h lid 1 Rv. heeft verzoeker tot cassatie in de zaak R00/020HR - verder te noemen: de notaris - zich gewend tot die Rechtbank en verzocht de beschikking van de Kantonrechter van 3 maart 1999 te vernietigen en opnieuw rechtdoende, voor zover in cassatie van belang, vast te stellen dat het verzochte sub 3 van het inleidend verzoekschrift alleen toegewezen kan worden voor wat betreft in Nederland aanwezige vermogensbestanddelen, en zonodig op straffe van een dwangsom die, althans in enige mate, in verhouding staat tot de omvang van de te verwachten nalatenschap en die bovendien gemaximeerd is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/59ddb3cb1a388a15f7514a266844b8f5167db4768d0892f0fc7aa13a8c72b6fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 59ddb3cb1a388a15f7514a266844b8f5167db4768d0892f0fc7aa13a8c72b6fd, en de alinea staat in dat document op bytes 10016 tot 10752.