Citaat | Hoge Raad 22 mei 2001
Alinea 43 Hoge Raad 22 mei 2001
Een alinea uit Hoge Raad 22 mei 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1759.
4.7. Het bepaalde in art. 68, derde lid (oud), AWR, thans art. 69, derde lid, AWR, de zogenoemde inkeerbepaling, komt er op neer dat een betrokkene zich slechts dan op deze bepaling kan beroepen als hij tijdig is overgegaan tot het alsnog indienen van een aanvullende aangifte of het verstrekken van aanvullende informatie, op zodanige wijze dat het voor de belastingdienst redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat de betrokkene daarmee zijn eerdere onjuiste aangifte of verstrekte informatie rectificeert.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a7920c93c09a6f439418351e556914f2e6ba989ecb3388eba3164526861e288. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a7920c93c09a6f439418351e556914f2e6ba989ecb3388eba3164526861e288, en de alinea staat in dat document op bytes 11424 tot 11942.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8a7920c93c09a6f439418351e556914f2e6ba989ecb3388eba3164526861e288 | shasum -a 256