Citaat | Hoge Raad 8 juni 2001

Alinea 38 Hoge Raad 8 juni 2001

Een alinea uit Hoge Raad 8 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2020.

De intrekking van het onderdeel heeft tevens tot gevolg dat [eiseres 2] ook voor het overige niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar cassatieberoep, daar het gehandhaafde onderdeel 2 enkel gericht is tegen de afwijzing door de Rechtbank van de vordering tot vergoeding van overlijdensschade voorzover geleden door [eiseres 1].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5efa5e2a6dc27b5d9bee6345e4b468e24ca5dd5581f06cfed4634897066cd9b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5efa5e2a6dc27b5d9bee6345e4b468e24ca5dd5581f06cfed4634897066cd9b8, en de alinea staat in dat document op bytes 9885 tot 10236.