Citaat | Hoge Raad 8 juni 2001

Alinea 37 Hoge Raad 8 juni 2001

Een alinea uit Hoge Raad 8 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2024.

Met betrekking tot het mentorschap heeft de Rechtbank het volgende overwogen. [Verzoekster] heeft de Rechtbank niet kunnen overtuigen van de noodzaak om een andere mentor te benoemen dan haar zuster [verweerster 2]. Het is onweersproken dat de huidige mentor het contact met de artsen onderhoudt, dat zij haar moeder regelmatig bezoekt en dat zij dicht bij haar moeder in de buurt woont. Bovendien heeft [verzoekster] nagelaten een onafhankelijke derde aan te wijzen en bereid te vinden om als mentor van haar moeder op te treden (rov. 3).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/19dc02a76a6dd697aaadcf1384b60a5a20a12b50245dd14f642e35d43ad84eef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 19dc02a76a6dd697aaadcf1384b60a5a20a12b50245dd14f642e35d43ad84eef, en de alinea staat in dat document op bytes 8769 tot 9321.