Citaat | Hoge Raad 12 juni 2001
Alinea 22 Hoge Raad 12 juni 2001
Een alinea uit Hoge Raad 12 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2060.
3.4. Indien de verdachte afstand heeft gedaan van zijn recht hoger beroep in te stellen, kan geen hoger beroep meer worden gedaan ingesteld, tenzij bijzondere omstandigheden aanleiding geven tot het oordeel dat de gedane afstand niet kan gelden als afstand in de zin van art. 381, eerste lid, Sv. De stukken waarvan de Hoge Raad kennis- neemt houden niets in dat het Hof aanleiding had moeten geven ervan te doen blijken te hebben onderzocht of zo’n bijzondere omstandigheid zich voordeed.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0f7730d92e22055f7be4226bd4b5624b55d500701acd9240e829f910c96fa47. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0f7730d92e22055f7be4226bd4b5624b55d500701acd9240e829f910c96fa47, en de alinea staat in dat document op bytes 7430 tot 7934.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f0f7730d92e22055f7be4226bd4b5624b55d500701acd9240e829f910c96fa47 | shasum -a 256