Citaat | Hoge Raad 15 juni 2001
Alinea 45 Hoge Raad 15 juni 2001
Een alinea uit Hoge Raad 15 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2146.
3.5 De Rechtbank heeft kennelijk en terecht als maatstaf aangelegd of in de gegeven omstandigheden de feitelijke situatie het noodzakelijk maakt dat de woning door de huurder van de winkelruimte wordt bewoond (vgl. HR 24 januari 1997, nr. 16138, NJ 1997, 558) en heeft vervolgens geoordeeld, zoals hiervoor in 3.3, laatste alinea, is weergegeven. Dit oordeel en de daaraan ten grondslag liggende overwegingen - die neerkomen op een sterk met feitelijke waarderingen verweven beoordeling van de bestemming die in het kader van de huurovereenkomst geacht moet worden aan de woning te zijn gegeven - geven geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Het oordeel is ook niet onbegrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/30649be3f6ea587b345d15ff27dd9bf888a9ee9102f364d9dc4bab885e84c0d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 30649be3f6ea587b345d15ff27dd9bf888a9ee9102f364d9dc4bab885e84c0d5, en de alinea staat in dat document op bytes 13104 tot 13806.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/30649be3f6ea587b345d15ff27dd9bf888a9ee9102f364d9dc4bab885e84c0d5 | shasum -a 256