Citaat | Hoge Raad 15 juni 2001
Alinea 55 Hoge Raad 15 juni 2001
Een alinea uit Hoge Raad 15 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2174.
3.7 Bij de beoordeling van onderdeel 5 moet worden vooropgesteld dat deskundigen binnen de grenzen van hun opdracht de nodige vrijheid hebben hun onderzoek op de wijze te verrichten die hun het beste voorkomt. Anders dan het onderdeel veronderstelt heeft de Rechtbank bij haar overweging dat de BHAC een grote beleidsvrijheid toekomt bij de keuze van vergelijkingspanden, niet uit het oog verloren dat die vrijheid begrensd is door de aard van de opdracht, die meebrengt dat de BHAC ernaar moet streven de wat betreft ligging en oppervlakte meest geschikte panden in haar onderzoek te betrekken, alsmede door de aanwijzingen die de Hoge Raad in zijn verwijzingsarrest heeft gegeven. Zulks blijkt uit rov. 5.12 - 5.15 en 5.19 - 5.26 van haar vonnis, waarin de Rechtbank onder meer de keuze van de BHAC juist op voormelde aspecten heeft getoetst. Voor zover het onderdeel klaagt dat de Rechtbank in deze overwegingen heeft volstaan met een toetsing aan de maatstaf of de BHAC in redelijkheid tot haar keuze kon komen, mist het derhalve eveneens feitelijke grondslag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1047f2c97cecb15061b74bca686339ba5b71dd98506f0bb4f9c97966007527fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1047f2c97cecb15061b74bca686339ba5b71dd98506f0bb4f9c97966007527fd, en de alinea staat in dat document op bytes 18855 tot 19932.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1047f2c97cecb15061b74bca686339ba5b71dd98506f0bb4f9c97966007527fd | shasum -a 256