Citaat | Hoge Raad 6 juni 2001

Alinea 29 Hoge Raad 6 juni 2001

Een alinea uit Hoge Raad 6 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2177.

Voor deze opvatting is ook steun te vinden in de parlementaire geschiedenis van de wijziging van de WOR van 1998, zoals weergegeven in de conclusie van de Plaatsvervangend Procureur-Generaal onder 3.3.3.1 tot en met 3.3.3.4, waaruit blijkt dat de vraag of de OR ter zake van voorgenomen besluiten tot het aanvragen van het (eigen) faillissement of surséance van betaling medezeggenschap dient te hebben, door de bij die wijziging optredende wetgever, althans door de regering, onder ogen is gezien en negatief is beantwoord.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91183abb3eee3d8cac04909ac10268203d3fd961fb9a7cefee9f3d3c12ea9776. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91183abb3eee3d8cac04909ac10268203d3fd961fb9a7cefee9f3d3c12ea9776, en de alinea staat in dat document op bytes 9134 tot 9672.