Citaat | Hoge Raad 15 juni 2001
Alinea 32 Hoge Raad 15 juni 2001
Een alinea uit Hoge Raad 15 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2178.
In rov. 10 heeft de Rechtbank geoordeeld dat de door [eiseres] gestelde schade als gevolg van de beëindiging van haar arbeidsovereenkomst niet in verband staat met de aan KLM verweten gedragingen en dat niet valt in te zien dat die gedragingen rechtstreeks hebben geleid tot de beëindiging van de arbeidsovereenkomst ruim twee jaar nadien. Bij de beslissing tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst heeft de Kantonrechter uit het feit dat enerzijds [eiseres] in juni 1994 de onderhavige procedure aanhangig heeft gemaakt en dat anderzijds KLM aan [eiseres] verwijt dat zij aan medewerkers en derden mededelingen blijft doen dat zij (op verzoek van KLM) permanent wordt geobserveerd wegens verdenking van drugssmokkel, afgeleid dat de arbeidsverhouding tussen partijen ernstig is verstoord en dat het noodzakelijke wederzijdse vertrouwen ten enenmale ontbreekt. De vraag of de onderhavige procedure al dan niet terecht is aangevangen en of de stellingen van [eiseres] al dan niet juist zijn, heeft daarbij geen rol gespeeld. In hoger beroep is deze beslissing in stand gebleven. De omstandigheid dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen is beëindigd, vindt derhalve niet haar oorzaak in de gebeurtenissen rond april 1992, aldus de Rechtbank.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5420b4e6173c1785701d4263e7215124543b60fe1bc59d7c6ee5c75daac29540. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5420b4e6173c1785701d4263e7215124543b60fe1bc59d7c6ee5c75daac29540, en de alinea staat in dat document op bytes 9527 tot 10786.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5420b4e6173c1785701d4263e7215124543b60fe1bc59d7c6ee5c75daac29540 | shasum -a 256