Citaat | Hoge Raad 19 juni 2001

Alinea 40 Hoge Raad 19 juni 2001

Een alinea uit Hoge Raad 19 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2200.

4.2.4. Blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep heeft de Advocaat-Generaal zich aldaar - zakelijk weergegeven - primair op het standpunt gesteld dat in de door de Rechtbank aan de beslissing gegeven motivering “het element van doelbewustheid/grove veronachtzaming ontbreekt”, subsidiair dat de eerste rechter zonder nader onderzoek niet tot die beslissing had mogen komen en meer subsidiair dat hij in de gelegenheid zou willen worden gesteld “door hem opgegeven” getuigen te horen “teneinde verbanden tussen processtukken duidelijk te maken die niet bij voorbaat uit de betreffende processen-verbalen voortvloeien”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a34ffab81e275977ffdca38ed50bcbe2d9eb39bf26559d716b3abe73614ed719. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a34ffab81e275977ffdca38ed50bcbe2d9eb39bf26559d716b3abe73614ed719, en de alinea staat in dat document op bytes 16393 tot 17059.