Citaat | Hoge Raad 29 juni 2001

Alinea 98 Hoge Raad 29 juni 2001

Een alinea uit Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2391.

3.2.2 In zijn rov. 5.7 verwerpt het Hof de grieven van Impag c.s. tegen het oordeel van de President dat [verweerder 1] c.s. een spoedeisend belang hebben bij hun vordering. Daartoe heeft het Hof overwogen dat nu Impag c.s. ermee doorgaan hun spellen op de markt te brengen en daarmee, naar de stellingen van [verweerder 1] c.s. onrechtmatig handelen, de spoedeisendheid van de door hen gevorderde voorzieningen is gegeven. Hiertegen richt onderdeel 2.1 rechts- en motiveringsklachten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/771f6cde546803e14c7878d68044909fb3a1da36a8d7bc8d61d990535bf87f93. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 771f6cde546803e14c7878d68044909fb3a1da36a8d7bc8d61d990535bf87f93, en de alinea staat in dat document op bytes 22181 tot 22679.