Citaat | Hoge Raad 29 juni 2001

Alinea 37 Hoge Raad 29 juni 2001

Een alinea uit Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2432.

Bij de beoordeling van deze onderdelen dient te worden vooropgesteld dat niet is uitgesloten dat onder bijzondere omstandigheden moet worden geoordeeld dat de eisen van redelijkheid en billijkheid meebrengen dat toepassing van een bijzondere regel van bewijslastverdeling als de onderhavige achterwege moet blijven en dus moet worden uitgegaan van de hoofdregel van art. 177 Rv. Kennelijk en niet onbegrijpelijk heeft de Rechtbank de grieven van Industromontaza niet aldus opgevat dat zij zich heeft beroepen op zodanige omstandigheden dat, ook tegen de achtergrond van de strekking van art. 7:658 lid 2 de werknemer te beschermen, moet worden geoordeeld dat naar de eisen van redelijkheid en billijkheid deze bepaling buiten toepassing dient te blijven. Nu de Rechtbank, hiervan uitgaande, niet op deze kwestie is ingegaan, kunnen de onderdelen 3a en 3b die berusten op de veronderstelling dat de Rechtbank een daartoe strekkend betoog heeft verworpen, bij gebrek aan feiteljke grondslag niet tot cassatie leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd6b3e9299d638b66cec82dfa6e7885a8e2f222686376006a550526ca8469c6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd6b3e9299d638b66cec82dfa6e7885a8e2f222686376006a550526ca8469c6f, en de alinea staat in dat document op bytes 11593 tot 12620.