Citaat | Hoge Raad 13 november 2001

Alinea 29 Hoge Raad 13 november 2001

Een alinea uit Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2882.

Nu de kennisname van de documenten onrechtmatig is, kan de inhoud van de verklaringen van de heren Mohrbacher en Everett niet meetellen voor het bewijs. De vraag of naar Nederlands recht de aanhouding en de dagvaarding terzake witwassen (aanklachten 10 tot en met 12) gerechtvaardigd is, kan vanwege het ontbreken van bewijs niet worden beantwoord (artikel 9 lid 3 onder b Verdrag). Dit dient te leiden tot een ontoelaatbaarverklaring van de gevraagde uitlevering vanwege ongenoegzaamheid der stukken."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc28dd6733ccdf329eb47de14f0c99055624d377962340c9a408bf11c8bb9dbb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc28dd6733ccdf329eb47de14f0c99055624d377962340c9a408bf11c8bb9dbb, en de alinea staat in dat document op bytes 10214 tot 10729.