Citaat | Hoge Raad 13 november 2001

Alinea 33 Hoge Raad 13 november 2001

Een alinea uit Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2882.

3.5. De stukken houden niet in dat door of namens de opgeëiste persoon is aangevoerd dat deze door de verstrekking van afschriften van de inbeslaggenomen documenten aan de verzoekende staat - nog voordat deze door de rechter is gelast - is blootgesteld aan een zodanig risico van een flagrante inbreuk op enig aan hem ingevolge art. 6 EVRM toekomend recht, dat de ingevolge art. 1 EVRM op Nederland rustende verplichting om dat recht te verzekeren aan de nakoming van de uit het toepasselijke uitleveringsverdrag voortvloeiende verplichting in de weg staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc28dd6733ccdf329eb47de14f0c99055624d377962340c9a408bf11c8bb9dbb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc28dd6733ccdf329eb47de14f0c99055624d377962340c9a408bf11c8bb9dbb, en de alinea staat in dat document op bytes 11710 tot 12282.