Citaat | Hoge Raad 13 november 2001
Alinea 34 Hoge Raad 13 november 2001
Een alinea uit Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2882.
3.6. Ook overigens kan uit de stukken van het geding en het verhandelde ter zitting niet blijken van een zodanig risico, waarbij de Hoge Raad in aanmerking neemt dat daaruit evenmin kan blijken dat door of namens de opgeëiste persoon iets is aangevoerd dat in de weg zou kunnen staan aan het door de Rechtbank op grond van art. 47 UW gegeven bevel tot afgifte van de inbeslaggenomen stukken aan de verzoekende staat. Tegen die beslissing wordt ook in cassatie niet opgekomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc28dd6733ccdf329eb47de14f0c99055624d377962340c9a408bf11c8bb9dbb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc28dd6733ccdf329eb47de14f0c99055624d377962340c9a408bf11c8bb9dbb, en de alinea staat in dat document op bytes 12302 tot 12792.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc28dd6733ccdf329eb47de14f0c99055624d377962340c9a408bf11c8bb9dbb | shasum -a 256