Citaat | Hoge Raad 14 december 2001

Alinea 23 Hoge Raad 14 december 2001

Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2903.

3.6. Het tweede middel, dat zich tegen dit oordeel keert, slaagt. De hiervóór in 3.1 weergegeven feiten laten geen andere gevolgtrekking toe dan dat het pand R binnen belanghebbendes onderneming de functie vervulde van het verschaffen van onderdak aan een deel van de bedrijfsactiviteiten van belanghebbende, te weten de productie van lasapparatuur. Indien belanghebbende het voornemen had om na de verkoop van het pand R een ander pand aan te schaffen waarin eveneens onderdak zal worden verschaft aan eigen bedrijfsactiviteiten, moet dit voornemen worden aangemerkt als een voornemen tot vervanging in de zin van artikel 14 van de Wet. Hieraan doet niet af dat er een wijziging plaats zou vinden in de aard van belanghebbendes bedrijfsactiviteiten, nu met betrekking tot het begrip vervanging blijkens de in de onderdelen 3.2, 3.4 en 3.5 van de conclusie van de Advocaat-Generaal genoemde geschiedenis van totstandkoming van de Wet een ruim standpunt dient te worden ingenomen, waarbij een verandering in het doel van de bedrijfsvoering niet aan toepassing van de vervangingsreserve in de weg behoeft te staan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2548ea1fe916619e643026ced3496cc5146771313b5f6a7c10fb492a6cc88b05. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2548ea1fe916619e643026ced3496cc5146771313b5f6a7c10fb492a6cc88b05, en de alinea staat in dat document op bytes 11664 tot 12791.