Citaat | Hoge Raad 10 augustus 2001

Alinea 20 Hoge Raad 10 augustus 2001

Een alinea uit Hoge Raad 10 augustus 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB3112.

4.1. Voorzover middel I betoogt dat het Hof ten onrechte toepassing van artikel 29, lid 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: AWR) achterwege heeft gelaten, faalt het. 's Hofs - feitelijke en niet-onbegrijpelijke - oordelen dat belanghebbende niet de volledige ontvangsten in zijn onderneming in het kasboek heeft geboekt, dat belanghebbende voor de verschillen van koolzuurverbruik in de onderscheiden jaren geen verklaring heeft gegeven, en dat belanghebbende de schommelingen in de brutowinstpercentages niet heeft weersproken, noch verklaard, dwingen niet tot de gevolgtrekking dat belanghebbende niet de vereiste aangifte heeft gedaan als bedoeld in artikel 29, lid 2, AWR. Evenmin dwingt 's Hofs oordeel dat de door belanghebbende aangegeven winst dient te worden gecorrigeerd met een bedrag van ƒ 9496 tot die conclusie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f47dcbb679ac110eff8c9f53d4bb11da77f5285b5a626ff9cf2b386b0bcad1cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f47dcbb679ac110eff8c9f53d4bb11da77f5285b5a626ff9cf2b386b0bcad1cd, en de alinea staat in dat document op bytes 6857 tot 7716.