Citaat | Hoge Raad 21 september 2001
Alinea 31 Hoge Raad 21 september 2001
Een alinea uit Hoge Raad 21 september 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD3522.
3.7.1. Wat de in het stationscomplex aanwezige tunnel betreft, heeft het Hof eerst in onderdeel 6.6.2 geoordeeld dat deze niet is te beschouwen als een onmiddellijk en uitsluitend aan de spoorbanen dienstbare voorziening of als een onzelfstandig onderdeel daarvan, en vervolgens in onderdeel 6.6.3 dat hij wel als een aan het verkeer over die banen dienstbaar kunstwerk onder de vrijstelling valt. Gelet op wat hiervoor in 3.2.3 is overwogen, is het Hof hierbij uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting. Weliswaar is de tunnel naar het spraakgebruik als kunstwerk aan te merken, maar hij is naar zijn aard niet nodig om de spoorbanen als zodanig te kunnen laten functioneren, zodat de tunnel niet als een bij de spoorbanen behorend kunstwerk kan worden aangemerkt. In zoverre zijn de middelen gegrond. Gezien het hierna in 3.7.2 overwogene kan dat echter niet tot cassatie leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6906d7eb76ac5b30a53bf497ea9dd76a6a4d41534e3d77ef719dbb36ebf41000. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6906d7eb76ac5b30a53bf497ea9dd76a6a4d41534e3d77ef719dbb36ebf41000, en de alinea staat in dat document op bytes 13050 tot 13945.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6906d7eb76ac5b30a53bf497ea9dd76a6a4d41534e3d77ef719dbb36ebf41000 | shasum -a 256