Citaat | Hoge Raad 18 december 2001
Alinea 33 Hoge Raad 18 december 2001
Een alinea uit Hoge Raad 18 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4292.
Ook overigens is aan de eis van dubbele strafbaarheid voldaan immers behalve als het misdrijf van artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht zijn de feiten als in de akte van beschuldiging opgenomen, naar Nederlands recht te kwalificeren als het medeplegen van het misdrijf: om een feit, bedoeld in het vierde lid van artikel 10 van de Opiumwet voor te bereiden en te bevorderen door een ander te trachten te bewegen om dit feit te plegen, te doen plegen, mede te plegen of een ander gelegenheid, middelen of inlichtingen te verschaffen of voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden of andere betaalmiddelen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit, voorzien en strafbaar gesteld bij art. 10a van de Opiumwet juncto artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5ac249f22b589897128b29341e7fd1e5b7525ece4fa6a89dd556a38da85cdcd2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5ac249f22b589897128b29341e7fd1e5b7525ece4fa6a89dd556a38da85cdcd2, en de alinea staat in dat document op bytes 12343 tot 13198.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5ac249f22b589897128b29341e7fd1e5b7525ece4fa6a89dd556a38da85cdcd2 | shasum -a 256