Citaat | Hoge Raad 21 december 2001

Alinea 176 Hoge Raad 21 december 2001

Een alinea uit Hoge Raad 21 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4499.

De klacht faalt. In rov. 4.9 heeft het Hof - in cassatie niet bestreden - een aantal feiten en omstandigheden opgesomd, op grond waarvan het Hof tot het oordeel is gekomen dat [het bouwbedrijf] in financieel opzicht in feite werd geleid door [verweerder 3]. Dat oordeel is geenszins onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd. Dat [het bouwbedrijf] bij de dagelijkse bedrijfsvoering zelfstandig te werk ging, doet aan een en ander niet af; blijkens de door het Hof vastgestelde feiten en omstandigheden verhinderde dat immers niet dat [verweerder 3] zo nodig zelfstandig in dat beleid ingreep. De klacht faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/298d1a8cb1aca3a6f61ef0de7676901ff7621b3b2b99c7d40ee5cb0b1263996e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 298d1a8cb1aca3a6f61ef0de7676901ff7621b3b2b99c7d40ee5cb0b1263996e, en de alinea staat in dat document op bytes 72651 tot 73273.