Citaat | Hoge Raad 14 december 2001
Alinea 56 Hoge Raad 14 december 2001
Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4504.
[Eiser] wist dat het concurrentiebeding medebepalend was voor de hoogte van de vergoeding. [Eiser] ging daar zelf ook van uit. Door zijn ontbindingsverzoek vervolgens niet in te trekken en de door de werking van het concurrentiebeding hoger uitgevallen vergoeding te accepteren, kan [eiser] zich thans in redelijkheid niet meer beroepen op het niet van toepassing zijn van het concurrentiebeding en behoeven het door [eiser] gedane beroep op de in het concurrentiebeding geformuleerde uitzonderingssituatie en het feit dat het beding zwaarder is gaan drukken geen bespreking."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc81d7c3d8001b40268f7b7d046f94840d466af4b9fd539d39c85ff18be22251. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc81d7c3d8001b40268f7b7d046f94840d466af4b9fd539d39c85ff18be22251, en de alinea staat in dat document op bytes 14348 tot 14937.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc81d7c3d8001b40268f7b7d046f94840d466af4b9fd539d39c85ff18be22251 | shasum -a 256