Citaat | Hoge Raad 19 oktober 2001
Alinea 33 Hoge Raad 19 oktober 2001
Een alinea uit Hoge Raad 19 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4709.
3.1 De vordering van [eiser] in conventie strekt, voor zover in cassatie van belang, tot betaling van schadevergoeding, op te maken bij staat, door [verweerster]. Aan deze vordering heeft [eiser] ten grondslag gelegd dat [verweerster] is tekortgeschoten in de nakoming van de tussen partijen gesloten overeenkomst van 27 mei 1991 die inhield dat [eiser] zijn duwboot 'Freya' verhuurde aan [verweerster] om daarmee de tankbak 'Roma' voor het vervoer van gascondensaten van [verweerster] te duwen. De huur zou ingaan op het tijdstip waarop voor de 'Roma' een nieuw certificaat zou zijn uitgereikt. De 'Roma' heeft echter geen nieuw certificaat gekregen, omdat [verweerster] ervan heeft afgezien de daartoe noodzakelijke reparaties te doen uitvoeren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98ea5b23f9d3a1ef37624619cd45d0e529cef4108486372b373554ba61797d06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98ea5b23f9d3a1ef37624619cd45d0e529cef4108486372b373554ba61797d06, en de alinea staat in dat document op bytes 9162 tot 9923.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98ea5b23f9d3a1ef37624619cd45d0e529cef4108486372b373554ba61797d06 | shasum -a 256