Citaat | Hoge Raad 19 oktober 2001
Alinea 39 Hoge Raad 19 oktober 2001
Een alinea uit Hoge Raad 19 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4709.
3.5.2 Uitgangspunt is immers, zoals het Hof voorshands heeft geoordeeld, dat de overeenkomst tussen partijen er een was onder opschortende termijn en wel aldus dat de werking van de verbintenissen van partijen eerst zou aanvangen op het tijdstip waarop voor de 'Roma' een certificaat zou zijn uitgereikt. Voor de beoordeling van de vraag of [eiser] schade heeft geleden, is daarom niet van belang of de 'Freya' geschikt was voor het duwen van de 'Roma' doch of [eiser] de 'Freya' daartoe binnen een redelijke termijn, althans vóór het moment waarop de overeenkomst zou ingaan, gereed had kunnen maken. Daarover is echter door het Hof niets vastgesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98ea5b23f9d3a1ef37624619cd45d0e529cef4108486372b373554ba61797d06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98ea5b23f9d3a1ef37624619cd45d0e529cef4108486372b373554ba61797d06, en de alinea staat in dat document op bytes 13585 tot 14254.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98ea5b23f9d3a1ef37624619cd45d0e529cef4108486372b373554ba61797d06 | shasum -a 256