Citaat | Hoge Raad 21 december 2001
Alinea 54 Hoge Raad 21 december 2001
Een alinea uit Hoge Raad 21 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4913.
3.3.2 Het middel bestrijdt niet het oordeel van de Rechtbank dat tussen partijen vanaf 1 juni 1996 een reeks van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd tot stand is gekomen, welke overeenkomsten ingevolge het toen geldende art. 7:668 lid 4 BW geacht worden een voortgezette overeenkomst te vormen en voor de beëindiging waarvan derhalve voorafgaande opzegging nodig was. Het middel bestrijdt evenmin het oordeel van de Rechtbank dat deze voortgezette arbeidsovereenkomst (eerst) op 1 november 1997 is geëindigd door de ontbindingsbeschikking van de kantonrechter te Utrecht, noch het oordeel dat op deze voortgezette arbeidsovereenkomst het toen geldende art. 7:628 BW - in beginsel - van toepassing was, nu de door Planpraktijk voorgestelde uitsluiting van die bepaling, naar door Planpraktijk niet werd betwist, niet tussen partijen is gaan gelden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d50e1874e86d1cc9fc23d69e14433ee92b2810aae630d17cefb3b1ca40e8a400. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d50e1874e86d1cc9fc23d69e14433ee92b2810aae630d17cefb3b1ca40e8a400, en de alinea staat in dat document op bytes 11698 tot 12579.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d50e1874e86d1cc9fc23d69e14433ee92b2810aae630d17cefb3b1ca40e8a400 | shasum -a 256