Citaat | Hoge Raad 14 december 2001
Alinea 43 Hoge Raad 14 december 2001
Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4933.
3.5.4 Onderdeel 2.g strekt ten betoge dat, als een floating charge al kan worden geassimileerd met een stil pandrecht, zulks niet kan meebrengen dat het geassimileerde recht ook betrekking zou hebben op vorderingen die ten tijde van het vestigen van de floating charge niet bestonden, terwijl ook de rechtsverhouding waaruit zij zijn voortgevloeid, nog niet bestond. Het onderdeel mist doel, aangezien voor de toepassing van art. 480 en 481 Rv. voldoende is dat de vorderingen bestonden ten tijde van de beslaglegging, en dit het geval is nu de floating charge al voor dit tijdstip door de benoeming van een receiver was omgezet in een fixed charge.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003, en de alinea staat in dat document op bytes 14268 tot 14930.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003 | shasum -a 256