Citaat | Hoge Raad 14 december 2001
Alinea 46 Hoge Raad 14 december 2001
Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4933.
Voor zover de onderdelen het Hof een onjuiste uitleg verwijten van het Tanzaniaans recht met betrekking tot de vraag wie in een geval als het onderhavige inningsbevoegd is en met betrekking tot de vraag of het ontbreken van inningsbevoegdheid van NBC eraan in de weg staat dat zij een recht van parate executie heeft, kunnen zij op grond van art. 99 lid 1, onder 2o, RO niet tot cassatie leiden. Voor het overige berust het oordeel van het Hof dat de inningsbevoegdheid van de receiver is gelijk te stellen aan een recht van parate executie van NBC, op een waardering van omstandigheden van feitelijke aard, die niet onbegrijpelijk is. Het oordeel van het Hof is ook niet ontoereikend gemotiveerd. Met name behoefde het Hof zich niet van zijn oordeel te laten weerhouden door de in onderdeel 4 weergegeven stellingen van Sisal dat onder de onderhavige debenture agreement NBC slechts de receiver kan benoemen, die dan als "agent of the company" goederen kan verkopen, alsmede dat naar Tanzaniaans recht de receiver niet een verlengstuk is van de debentureholder, maar onafhankelijk en onder toezicht van de Rechtbank en de crediteuren de boedel bestuurt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003, en de alinea staat in dat document op bytes 15789 tot 16956.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003 | shasum -a 256