Citaat | Hoge Raad 14 december 2001

Alinea 49 Hoge Raad 14 december 2001

Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4933.

3.9 In rov. 4.30 van de bestreden beschikking heeft het Hof geoordeeld dat het meer subsidiaire betoog van Sisal, inhoudende dat de houder van een buitenlandse zekerheid niet bevoegd is naar Nederlands recht paraat te executeren, niet opgaat. Onderdeel 6 faalt, omdat het door het onderdeel bestreden oordeel van het Hof juist is. Het onderdeel miskent dat voor de toepassing van art. 480 en 481 Rv. voldoende is dat NBC kan worden gelijkgesteld met een (stil) pandhouder die een recht van parate executie heeft, maar dat niet vereist is dat NBC het recht van parate executie ook daadwerkelijk uitoefent of kan uitoefenen. Anders dan het onderdeel betoogt staat art. 431 lid 1 Rv., welke bepaling niet betrekking heeft op parate executie maar op de tenuitvoerlegging van buiten Nederland verleden authentieke akten, niet aan 's Hofs oordeel in de weg.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7cd9d077f119dfd30ac6ae5b87636bd6e44bd33e10c24fca6b6d41035745b003, en de alinea staat in dat document op bytes 17500 tot 18364.