Citaat | Hoge Raad 6 november 2001

Alinea 32 Hoge Raad 6 november 2001

Een alinea uit Hoge Raad 6 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5128.

(vi) Het proces-verbaal van de terechtzitting van het Hof van 7 december 1998 houdt in dat de Voorzitter de inhoud van het proces-verbaal van de terechtzitting van 26 november 1998 heeft medegedeeld. Het proces-verbaal houdt voorts als beslissing van het Hof in dat de zaak wordt verwezen naar de Rechter-Commissaris teneinde een Oslo-confrontatie met de verdachte te doen plaatsvinden in aanwezigheid van de getuige [betrokkene A] en dat het Hof heeft besloten dat de getuige [betrokkene A] zijn identiteit niet nader bekend hoeft te maken aan de Rechter-Commissaris en de politie. Tevens vermeldt het proces-verbaal dat de getuige via mr. Goudswaard dient te worden opgeroepen tegen de terechtzitting van het Hof van 22 maart 1999.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e09825fbd626eeefbfaed912f1544e8621463cff3e1fec960859227d5e043340. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e09825fbd626eeefbfaed912f1544e8621463cff3e1fec960859227d5e043340, en de alinea staat in dat document op bytes 12149 tot 12895.