Citaat | Hoge Raad 6 november 2001
Alinea 43 Hoge Raad 6 november 2001
Een alinea uit Hoge Raad 6 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5128.
"Bestaat (...) twijfel omtrent het antwoord op de vraag of de getuige niet als een bedreigde getuige dient te worden aangemerkt, dan dient (de rechter) de zaak op de voet van artikel 315 Sv terug te wijzen naar de rechter-commissaris. Een zelfstandig oordeel omtrent de gegrondheid van volledige anonimiteit komt de rechter ter terechtzitting immers niet toe." (Kamerstukken II, 1991/1992, 22 483, nr. 3, blz. 38).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e09825fbd626eeefbfaed912f1544e8621463cff3e1fec960859227d5e043340. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e09825fbd626eeefbfaed912f1544e8621463cff3e1fec960859227d5e043340, en de alinea staat in dat document op bytes 18235 tot 18663.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e09825fbd626eeefbfaed912f1544e8621463cff3e1fec960859227d5e043340 | shasum -a 256