Citaat | Hoge Raad 30 oktober 2001

Alinea 17 Hoge Raad 30 oktober 2001

Een alinea uit Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5149.

3.2. Weliswaar valt in de bewoordingen van art. 416, eerste lid, Sr niet te lezen dat degene die opzettelijk een door misdrijf verkregen voorwerp verwerft of voorhanden heeft dan wel een andere in die bepaling genoemde gedraging verricht, slechts dan als schuldig aan heling kan worden gestraft indien het misdrijf waardoor het voorwerp is verkregen door een ander is gepleegd, doch krachtens het begrip van heling - een begunstigingsmisdrijf - moet worden aangenomen dat de omstandigheid dat iemand een helingshandeling als genoemd in gemeld wetsartikel begaat ten aanzien van een voorwerp dat hij zelf door enig misdrijf heeft verkregen, aan diens veroordeling wegens heling in de weg staat. Indien dit laatste uit het onderzoek ter terechtzitting aannemelijk wordt, is een veroordeling ter zake van heling uitgesloten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c360f34d5cd7800b5a5bc82162f3b349bd214a26b48508ae92410685449cd533. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c360f34d5cd7800b5a5bc82162f3b349bd214a26b48508ae92410685449cd533, en de alinea staat in dat document op bytes 6427 tot 7261.