Citaat | Hoge Raad 27 november 2001
Alinea 25 Hoge Raad 27 november 2001
Een alinea uit Hoge Raad 27 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5210.
3.3. Gelet op het voorgaande was het beslag reeds beëindigd ten tijde van de behandeling van en de beslissing op het klaagschrift. Dat brengt mee dat de Rechtbank de klager in zijn klaagschrift niet-ontvankelijk had behoren te verklaren. Het voorgaande staat er niet aan in de weg dat de strafrechter later ingevolge art. 353 Sv een beslissing omtrent het inbeslaggenomen voorwerp dient te geven en dat dan, indien alsnog de teruggave zou worden bevolen en deze, zoals in een geval als het onderhavige, feitelijk niet meer mogelijk is, art. 119, tweede lid, Sv van overeenkomstige toepassing is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28f246bfb1feffdbe92140049a5369c3a7def0fe47d8bcab6fd5015a0366f336. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28f246bfb1feffdbe92140049a5369c3a7def0fe47d8bcab6fd5015a0366f336, en de alinea staat in dat document op bytes 7802 tot 8411.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/28f246bfb1feffdbe92140049a5369c3a7def0fe47d8bcab6fd5015a0366f336 | shasum -a 256