Citaat | Hoge Raad 30 november 2001

Alinea 61 Hoge Raad 30 november 2001

Een alinea uit Hoge Raad 30 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5318.

3.5.2 Voor het overige bestrijdt onderdeel I.1 het oordeel van het Hof, dat onder "personen" in de zin van art. 21 lid 4 AVGE ook rechtspersonen als ABB zijn te verstaan, met een vijftal motiveringsklachten. Dit oordeel behoefde evenwel in het licht van het tussen partijen in de feitelijke instanties omtrent de uitleg van deze term gevoerde debat, waarbij enerzijds Océ vooral benadrukte dat ABB niet zodanig ondergeschikt is aan Mega dat zij met werknemers van Mega is gelijk te stellen en anderzijds ABB onder meer betoogde dat art. 21 lid 4 AVGE ertoe strekte te verhinderen dat Mega via een omweg toch weer de bescherming van het exoneratiebeding zou ontberen, geen nadere motivering dan door het Hof is gegeven. Onbegrijpelijk is het oordeel evenmin. De hier aan de orde zijnde motiveringsklachten falen derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/70ba30211d4d59d5d987dd3157d97e811cd93122487eb2ccdf1444cb7730022c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 70ba30211d4d59d5d987dd3157d97e811cd93122487eb2ccdf1444cb7730022c, en de alinea staat in dat document op bytes 17078 tot 17913.