Citaat | Hoge Raad 30 november 2001
Alinea 64 Hoge Raad 30 november 2001
Een alinea uit Hoge Raad 30 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5318.
3.7 Ook de 5 klachten waarmee onderdeel I.2.3 zich keert tegen 's Hofs rov. 5.3 falen. In cassatie is niet bestreden dat het bij de door ABB in opdracht van Mega aan de schakelinstallatie van het HES verrichte werkzaamheden ging om werkzaamheden die noodzakelijk, althans gewenst waren om de hoofdverplichting van Mega jegens Océ - elektriciteitslevering - na te komen. Hiervan uitgaande geeft 's Hofs oordeel dat Mega voor fouten van (werknemers van) ABB bij de uitvoering van die werkzaamheden aansprakelijk is jegens Océ geen blijk van een onjuiste opvatting omtrent het bepaalde in art. 6:76. Verweven als het is met waarderingen van feitelijke aard kan het voor het overige in cassatie niet op juistheid worden onder-zocht. Het is niet onbegrijpelijk of anderszins onvoldoende gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/70ba30211d4d59d5d987dd3157d97e811cd93122487eb2ccdf1444cb7730022c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 70ba30211d4d59d5d987dd3157d97e811cd93122487eb2ccdf1444cb7730022c, en de alinea staat in dat document op bytes 18391 tot 19200.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/70ba30211d4d59d5d987dd3157d97e811cd93122487eb2ccdf1444cb7730022c | shasum -a 256